Column: Natuurlijk schrijf ik al mijn teksten voor niks!

Geplaatst op 21 juni, 2019 om 11:10 | In de categorie:

Zo nu en dan tref ik bijzondere verrassingen in mijn mailbox aan. Zoals een tijdje geleden, een bericht van stichting A. ‘Ik heb van B gehoord dat jij teksten schrijft. We willen graag dat je een vrijwilliger en een gebruiker van C’s diensten interviewt.’

Vanzelfsprekend volgde er een enthousiaste reactie van mijn kant en stelde ik voor om zo spoedig mogelijk een afspraak te maken om de opdracht in gang te zetten. Het antwoord kwam snel. Blijdschap over mijn enthousiasme en een naam. ‘Deze vrijwilliger neemt vandaag nog contact met je op!’ Pas later die dag realiseerde ik me met lichte schrik: zouden ze eigenlijk wel weten dat ik voor mijn dienstverlening geld vraag? Dat ik geen vrijwilliger ben die erop kickt zijn naam in de krant te zien staan? Dat ik een professionele tekstschrijver ben die met het schrijven van teksten zijn brood verdient?

Weer thuis na een leuke (én betaalde) opdracht, lag er een mail van de bewuste vrijwilliger op me te wachten, met daarin een drietal suggesties voor een interviewmoment. Dat, én een mailtje van de vertegenwoordiger van stichting A die, zoals men dat zo mooi zegt, ‘de keutel weer had ingetrokken’. Nee, ze had er niet op gerekend dat ik voor mijn werkzaamheden een honorarium wenste. Wat dan wel? Liefdewerk oud papier? Omdat ik nu eenmaal zo graag schrijf? ‘Nee, ik snap dat je het niet gratis kunt doen’, zei de medewerkster van A begripvol, ‘Ik zal intern gaan informeren of er budget voor is, maar ik denk het niet.’

Tegen beter weten in maakte ik toch maar even een principeafspraak met de te interviewen vrijwilliger. Met een slag om de arm in verband met het nog toe te kennen budget. Een week ging voorbij. Ik hoorde niets. Op een maandag, net iets meer dan 24 uur voor de afspraak, besloot ik dat het tijd werd om mijn contactpersoon bij A te benaderen. Helaas. Ze werkt niet op maandag. Dan maar een mail. Geen reactie.
Het werd de ochtend van ‘de dag van het interview’. Nog steeds niets gehoord. Ik ging een vergadering van Humanitas in. Dat was toen wél liefdewerk oud papier. Soms doe ik dat.

Uiteindelijk werd het half twaalf; twee uur voor de ‘deadline’ van het dubbelinterview. Dus toen heb ik zelf maar weer even gebeld.

‘Nee, we hebben hier geen budget voor’, zei de dame. ‘En C heeft dat ook niet. B dacht dat ze misschien nog wel iets met je zou kunnen regelen, maar dat is blijkbaar niet gelukt?!’ Uiteindelijk werd in bedekte termen gezocht naar een manier om mij te vragen om maar voor niks te werken.

Natuurlijk had ik deze opdracht best kunnen aannemen. Ik had die middag geen verdere afspraken staan. Logisch ook. Ik had tenslotte tijd ingeruimd voor een interview plus uitwerking dat nu ineens niet door ging. Moest ik het dan toch maar gratis doen? Werken voor nada? Noppes? Niks? ‘Het spijt me, maar als er geen budget is, dan ga ik het niet doen’, hoorde ik mezelf zeggen.

Creatievelingen krijgen er vaak mee te maken: mensen die denken dat we alles wel gratis willen doen. Voor ‘naamsbekendheid’, vanuit de goedheid van ons hart, omdat we nu eenmaal zo graag met ons vak bezig zijn. Moeten wij dan geen rekeningen betalen? Leven wij dan – anders dan andere mensen – gewoon van de lucht? Of van de dankbaarheid dat ons werk ons oplevert? Hoe kan het toch dat menigeen denkt dat je als tekstschrijver overal gratis voor te porren bent? Werkt de directeur van Humanitas soms ook als vrijwilliger? Of de directeur van A? Of de directeur van C?

Laatst kreeg ik een dergelijk verzoek via de WhatsApp. Of ik teksten voor de site van deze bruisfotograaf (let op: geen d!) wilde schrijven. Ik stelde voor er even over te bellen, later die dag. Kwam de vraag of dit gratis was. Ik: Het gesprek of het tekstschrijven? Hij: teksten schrijven. Ik: Nee, natuurlijk niet. Maak jij gratis een trouwreportage? Hij: Nee.

En daarom ik ook niet.

Column door Alex de Jong @ Attest Communicatie