Geboren IJsselmuidenaar exposeert in Stedelijk Museum Kampen

Geplaatst op 22 april, 2019 om 3:11 | In de categorie:

Op 28 april opent om 15.00 uur in het Stedelijk Museum Kampen de tentoonstelling ‘Een weerzien met Jan Roeland’. De opening is gratis te bezoeken.

Zijn werk is opgenomen in de collecties van de grote musea van Nederland, hij was een gewaardeerd docent aan de befaamde Rijksacademie en aan de academie voor beeldende kunst in Enschede én hij won diverse prestigieuze prijzen. Zijn werk is toegankelijk en in een geheel eigen stijl. Hoe kan het toch, dat er in zijn geboortestreek (IJsselmuiden) zo weinig mensen van hem hebben gehoord en dat er nog niet eerder een tentoonstelling met zijn werk was in deze regio? Het Stedelijk Museum Kampen wil dan ook graag aan iedereen deze kleurrijke werken laten zien, waarin je het mysterie van het alledaagse kunt ontdekken.

We hebben het over Jan Roeland (1936 – 2016). Met deze tentoonstelling ‘Een weerzien met Jan Roeland’ eren we de kunstenaar en zijn werk en laten we in retrospectief de boeiende ontwikkeling zien die hij doormaakt van autodidact tot gewaardeerd kunstenaar met een heel eigen gezicht.

Opgegroeid in een beschermd onderwijzersgezin in landelijk IJsselmuiden, tegenwoordig gemeente Kampen, treedt Jan aanvankelijk in zijn vaders voetsporen. Van jongs af aan tekent hij graag en goed.  De kennismaking met een aantal kunstenaars stimuleert de jonge Roeland om zijn talent verder te ontwikkelen. Hij raakt gefascineerd door de schilderkunst en met name de ernst en concentratie waarmee met verf op linnen ‘iets’ opgeroepen wordt.

Tijdens zijn periode als onderwijzer aan de lagere school in Zwolle betrekt hij zijn eerste atelier in de Voorstraat in Kampen. Hier schildert hij landschappen en portretten in expressionistische stijl en ontmoet hij de schilder Wobbe Alkema, lid van de Groninger kunstkring De Ploeg en restaurateur aan de Bovenkerk in Kampen. Roeland komt graag in het atelier van Alkema om over het vak te praten.

Na zijn bezoek aan de wereldtentoonstelling in Brussel in 1958 gaat het roer om. De vele stijlen en oneindige mogelijkheden van de beeldende kunst maken op hem een verpletterende indruk. Het kunstenaarschap oefent een grote aantrekkingskracht uit. Vooral het werk van expressionistische schilders als Kokoschka, Soutine en Pop-art kunstenaars zoals o.a. Wesselman inspireren hem.

Een jaar later neemt de 24-jarige Roeland afscheid van zijn leerlingen en vertrekt naar Amsterdam met het voornemen naar de Rijksacademie te gaan. Tijdens een voorbereidende studieperiode van vier maanden bedenkt hij zich en besluit zich niet in een keurslijf te laten dwingen door de professoren van de Rijksacademie. Jan Roeland geeft er de voorkeur aan zijn eigen weg te zoeken. Voor zijn expressionistische schilderijen wint hij in 1962 de Koninklijke Subsidie voor Vrije Schilderkunst.

Vijf jaar later verandert zijn stijl opmerkelijk. Met het verdwijnen van de mens uit zijn werk keert hij terug naar de basis van de schilderkunst: kleur, vorm en ruimte. Deze keuze bevrijdt Roeland van het verhalende motief en geeft hem de noodzakelijke vrijheid van vormgeving en verbeelding. Hij kiest alledaagse voorwerpen als uitgangspunt en brengt ze terug tot de pure vorm.

De losse schildertoets verandert in zorgvuldig opgebouwde kleurlagen, die een sferische diepte geven aan de ruimte. Het begint met het schilderen van eitjes in een fles. Met het ei lijkt de kunstenaar Jan Roeland, zoals wij hem nu kennen, geboren te zijn: ‘Less is more’.

Na de eitjes volgen schilderijen met dozen, enveloppes, aanstekers en later o.a. tafelranden, planten en hamers. Hij zoomt in op onpersoonlijke objecten, waarbij alle details zijn weggelaten en teruggebracht tot geometrische vormen. De objecten moeten een beetje verdwijnen, vond Roeland, om zich ten volle te kunnen concentreren op vorm en restvorm. Toch worden ze nooit helemaal abstract, maar blijven altijd enigszins herkenbaar.

Hoewel de thema’s onpersoonlijk zijn en het gebruik van geometrische vormen afstandelijk kan werken zijn de schilderijen dat zeker niet. Roeland gebruikt altijd wel een schuine hoek of curve in zijn vormen, wat het werk toch enigszins organisch maakt. Lijnen en contouren worden vaak verzacht en schaduwwerking in combinatie met het platte vlak geven het beeld dieptewerking.

Jan Roeland lijkt zijn ei letterlijk en figuurlijk kwijt te kunnen, waarbij de fascinatie uit zijn jeugd voor de stille ernst en concentratie waarmee de kunstenaar een beeld oproept samenvalt met deze nieuwe manier van schilderen. Het is esthetisch en verfijnd en ook met een zeker gevoel voor humor.

Een hamer, een aansteker of geranium in de vensterbank zijn óók geschikt om te worden verheven tot poëtisch kunstwerk. Ze zijn slechts aanleiding voor Roeland om zijn spel van evenwicht en balans te kunnen spelen binnen de grenzen van het doek. Deze zoektocht naar de meest krachtige compositie van een bepaald motief levert vele series werken op, waarin telkens gevarieerd wordt op een thema. “Het is pas geslaagd”, volgens Roeland, “wanneer de vorm een intrige bevat en je er steeds opnieuw naar kunt kijken.”

Waarschijnlijk het meest aansprekend is de intense kleurwerking in de schilderijen. De kleuren stralen en zinderen als een trillende lucht op een hete zomerdag of gloeien vanuit het donker. Het is het resultaat van een langdurig proces, waarbij meerdere lagen olieverf over elkaar heen worden gezet, zodat het de geometrische vormen versterkt en de ruimte eromheen verdiept. Licht en ruimte zijn op die manier vervangen door kleur en krijgen zo een emotionele geladenheid.

Begin 2000 introduceert Roeland, een verwoede vogelaar, de eend in zijn werk. Niet helemaal verwonderlijk, want vogels zijn van nature al prachtig gestileerde kunstwerken met vaak een schitterende kleurentekening. Toch kiest Roeland niet de tapuit of de appelvink, maar een gewoon eendje uit de gracht. De eend kijkt je aan met één oog, zijn kop gedraaid. Deze eend is ook teruggebracht tot een paar cirkels en een driehoek, maar wel met precies de juiste curve in de snavel. Zelfs van zo’n simpele stads-eend weet Roeland een fijnzinnig en intrigerend doek te maken. De eend kijkt ons strak aan met zijn kleine oog en wij kijken geboeid terug. Oog in oog met de schilderkunst van Jan Roeland: tijdloos, mysterieus, harmonieus en intiem.

Nieuwsgierig geworden? Van 27 april tot en met 23 juni bent u van harte welkom.

Bij deze tentoonstelling is een catalogus uitgegeven in samenwerking met Janny de Jong, Stichting Jan Roeland, Galerie Slewe en vormgegeven door Rutger Fuchs. De catalogus is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van de Stichting Jan Roeland en Galerie Slewe.

Titel: Een weerzien met Jan Roeland
Auteur: Yvonne Oordijk
Pagina’s: 36 pagina’s
Uitgever: Stedelijk Museum Kampen
Prijs: € 7,95