We Gaan Ze Halen

Geplaatst op 30 november, 2018 om 6:06 | In de categorie:

Op 3 December gaat de campagne van de tweede editie van We Gaan Ze Halen van start. We Gaan Ze Halen (WGZH) is in de kern een simpel concept: rond Kerst rijdt er een konvooi van zoveel mogelijk auto’s naar Griekenland, met op kop een 18 meter lange harmonica lijnbus. ‘Vluchtelingen zitten er onder onmenselijke omstandigheden vast en als niemand ze gaat halen, moeten we het zelf maar doen.’ aldus Rikko Voorberg. Elinor Archer van The Turn Club sprak tijdens de voorbereidingen met Rikko, een van de kartrekkers van het WGZH-project.

Stichting We Gaan Ze Halen en haar vrijwilligers gaan naar grenskampen in Athene enerzijds, om het signaal af te geven dat er wel degelijk maatschappelijk draagvlak is om mensen hier in Nederland op te vangen. Anderzijds, om duidelijk te maken dat het menens is. ‘Als dat mensensmokkel heet, dan moet dat maar. Wat ons betreft is het bittere noodzaak. Het kan misschien voor chaos zorgen, zo’n rij-actie. Maar erger dan het nu is in de kampen kan het niet, er moet íets gebeuren en wel nu,’ aldus Rikko.

 

Je zou kunnen zeggen dat Rikko het met de paplepel heeft ingegoten gekregen. ‘Mijn moeder werkte met vluchtelingen en we hadden altijd mensen in huis.’ Voor zijn ouders gold deze opvang niet als zijnde activistisch. ‘Ze zagen het helemaal niet als een vorm van verzet. Ja, er was weleens een kritische noot over de procedures, maar respect voor de overheid zat er diep in.’ Dat ligt bij Rikko wel een tikje anders, hoewel de term activist hem ook niet lekker ligt. En hem geen recht aan doet want daar is hij te veelzijdig voor.

‘Theoloog, ja dat klopt, heb ik voor gestudeerd,’ zegt hij. ‘Theatermaker: mwah soms, maar ik maak niet altijd voorstellingen. Wel word ik vaker regelmatig uitgenodigd om aan projecten bij te dragen vanwege mijn theatrale experimentele belevingsmanier van werken. Ik ben eerder verhalenverteller.’

En kunstenaar dan? Community artist misschien? De projecten die hij maakt gaan vaak over verbinden, zowel het verbinden van een gemeenschap als van de mensen die aan de projecten meewerken. Zo bouwde hij, ook in het kader van We Gaan Ze Halen, samen met een groep vrijwilligers een symbolische halve brug over het IJ naar Athene, iets dergelijks gebeurde gelijktijdig ook in 34 andere landen.

‘En tijdens De week van de Eenzaamheid,’ zegt hij, ‘die we omdoopte tot De week van de Verbinding, verzonnen we Mind the Gap: in een gesloten binnentuin met hoge appartementen rondom, verbonden we zoveel mogelijk balkons door middel van een kabelbaan met een mandje eraan, zodat mensen elkaar dingen konden sturen; eten en drinken, briefjes of dagboekfragmenten. Was echt te gek.’

Nog zo’n voorbeeld is The Tree of Light. ‘Een kerstboom van afvalhout met daarop de straatnamen geschilderd van de straten waar het hout gevonden was. Mensen in de marge van de buurt werden gevraagd of ze ons een lampje van wilde uitlenen voor in de boom. ‘Want weet je,’ zegt Rikko, ‘een buurt draait juist op de mensen in de marge. Dát zijn de mensen die de pleinen schoonvegen of achter de bar staan in het buurthuis. Die zelf slecht ter been zijn maar hun buurvrouw die nóg slechter ter been is helpen met de boodschapjes omhoog gesleept te krijgen.’

 

Van alle etiketten die je hem op zou kunnen plakken is die van dominee, zo op het eerste gezicht, nog wel de meest onwaarschijnlijke: hij houdt kantoor in een hip pand in Amsterdam West, verklaart —met zekere overtuiging— dat ‘hij het ook allemaal niet weet’ en is kwaad. Die kwaadheid is voelbaar, on-ingehouden. En dat is maar goed ook, want er zit een kracht in kwaadheid die ingezet kan worden om dingen gedaan te krijgen. Een doener is hij: Rikko is ook nog oprichter van De PopUpKerken en mede- initiatiefnemer van De Vluchtkerk. Maar gelukkig heeft hij genoeg kwaadheid over, want nu is er dus een tweede editie van We Gaan Ze Halen.

 

‘De eerste keer zakten we, hoewel het wel de intentie was, uiteindelijk niet af naar Athene, uit angst de situatie te verergeren.’ De We Gaan Ze Halen karavaan reed naar Den Haag, waar 250 replica’s van de nummerborden van alle auto’s die in de colonne mee tuften werden overhandigd. Ook spande stichting We Gaan Ze Halen vorig jaar een rechtzaak aan om de Nederlandse staat aan haar belofte te houden wat betreft het aantal op te vangen vluchtelingen. De uitspraak van de rechter was teleurstellend.

Werd hij daar niet wanhopig van?

Aarzelend: ‘Niet wanhopig… Wel gefrustreerd. We hadden toen niks in handen en eigenlijk hebben we nog steeds niks, dus in die zin is er weinig veranderd. Behalve dan dat er ongelooflijk veel mensen zijn opgestaan en zijn aangeschoven die zeggen: dit kan niet. Dit mag niet nog langer duren.’

Na een verkennend mailtje aan de achterban over een nieuwe poging We Gaan Ze Halen meldden zich direct dertig mensen die hun kerstvakantie hebben schoongeveegd en mee gaan rijden. En nog honderddertig mensen die zeiden heel sterk te overwegen om mee te rijden. Dat was goed nieuws, want de campagne was nog niet begonnen. We hadden het ze nog niet eens echt officieel gevraagd. Die achterban is soms radicaler dan wij.  Dus we gaan gewoon maar rijden.’

 

Dit jaar gaan ze dus écht rijden: 5200 kilometer in totaal, drie dagen heen, drie dagen terug. ‘Ja, want we willen het niet heimelijk doen. Het gaat me er inmiddels niet meer om dat Nederland iets verplicht is, het gaat erom dat daar kinderen vast zitten die dood willen. Omdat de situatie in de kampen zo rampzalig, zo goor is.’ In een Europese aanpak heeft hij geen vertrouwen meer: ‘Iets in Brussel op willen lossen rond migratie, is hetzelfde als de boel maar in de prullenbak gooien. Nee dank je, we doen het zelf wel.’ Waarom gaan we ze halen net tijdens de kerstdagen? Dan wil je toch net bij je eigen familie zijn? ‘Klopt, maar de mensen in de vluchtelingenkampen willen ook graag dat er ‘familie’ voor hen is. En misschien moeten wij dat dan maar zijn. Juist met Kerst. Jezus van Nazareth werd geboren in een stal omdat er nergens plek voor hem was. En herders en wijzen kwamen hem zoeken. Kerst is niet ‘je familie opzoeken’ maar op zoek naar de plek waar het licht aan het doorbreken is – of in dit geval: waar het licht doorbreken moet’.

Eenmaal aangekomen in Athene zijn er verschillende scenario’s denkbaar, maar misschien wel Rikko’s belangrijkste missie is het om de mensen daar hoop te geven. ‘De Griekse overheid krijgt natuurlijk een brief waarin staat dat we eraan komen en mensen mee terug kunnen nemen.’ Gaan ze daaraan meewerken? ‘Tja, die Grieken zitten ook vast. Vast aan de Europese schuld, vast aan dit onmenselijke ontmoedigingsbeleid van opgestapelde grenzen, want dat is het. Maar we gaan het niet netjes vragen. We zeggen gewoon: we komen eraan, regel dit. En misschien kunnen we het antwoord wel raden, maar het moet geprobeerd worden. En wie weet is een aanhouding door de politie wel een prima moment om ons verhaal te vertellen.’